Ga direct naar het hoofdmenu of de inhoud.
Homepage > Begrippenlijst

Begrippenlijst (toon alles)

Bij een dijkversterking worden nogal eens woorden gebruikt die in het dagelijks taalgebruik niet voorkomen. U vindt in de begrippenlijst een toelichting op deze woorden.
a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z *
Aanleghoogte
Kruinhoogte van de dijk onmiddellijk na het gereedkomen ervan
Achterland
Het gebied aansluitend aan de landzijde van de waterkering
Achterloopsheid
Lekstroom achter een constructie om
Adviesgroep
Orgaan samengesteld uit alle betrokken overheden en belangengroepen dat de dijkbeheerder (initiatiefnemer in m.e.r.-procedure) adviseert over verbeteringsproject. De adviesgroep neemt geen besluiten
Afschuiving
Het verplaatsen van een deel van een grondlichaam door overschrijding van het evenwichtsdraagvermogen
Ban-, winter- of rivierdijk
de rivierdijk die het winterbed omsluit.
Basispeil
Extreme hoogwaterstand met (per definitie) een overschrijdingsfrequentie van 1/ I0.000 per jaar
Beheer
Het geheel van activiteiten dat noodzakelijk is om te waarborgen dat de functies van de waterkering blijven voldoen aan de daarvoor vastgestelde eisen en normen
Benedenrivierengebied
Het door Rijn en Maas gevoede rierengebied ten westen van de lijn Schoonhoven - Werkendam - Dongemond, inclusief Hollands Diep en Haringvliet, zonder de Hollandse lJssel.
Beoordelingsprofiel
Denkbeeldig minimum profiel van gedefinieerde afmetingen waarbinnen zich geen objecten bevinden, dat binnen het werkelijk aanwezige profiel moet passen en dat de garantie moet bieden dat de waterkering voldoende sterk is.
Beschermingszone
In de keur aangegeven zone ter weerszijden van de (juridische) waterkering
Bevoegd gezag

Eén of meer overheidsinstanties die bevoegd zijn om over de activiteit van de intitiariefnemer het besluit te nemen waarvoor het m.e.r. (milieueffectrapportage) wordt opgesteld

Bezwijken
Het optreden van ontoelaatbaar grote vervormingen van een constructie zodanig dat de samenhang daarvan verloren gaat
Bezwijkmechanisme
De wijze waarop een constructie bezwijkt (bijvoorbeeld afschuiven, piping)
Binnenberm
Extra verbreding aan de landzijde van de dijk om het dijklichaam extra steun te bieden en/of om zandmeevoerende wellen te voorkomen.
Binnendijks
Gebied dat door de primaire waterkering wordt beschermd tegen overstroming
Binnentalud
hellend vlak van het dijklichaam aan de landzijde van de dijk.
Binnenteen
De onderrand van het dijklichaam aan de landzijde van de dijk (de overgang van dijk naar maaiveld).
Bovenrivierengebied
Het door Rijn en Maas gevoede rivierengebied ten oosten van de lijn Schoonhoven - Werkendam - Dongemond. De waterstanden worden daar niet beinvloed door het getij van de Noordzee.
Buitendijks
Gebied zeewaarts of richting de rivier van de primaire waterkeringen. Dit gebied wordt niet door de primaire waterkeringen beschermd
Buitentalud
Hellend vlak van het dijklichaam aan de rivierzijde.
Commissie MER
Een landelijke commissie van onafhankelijke milieudeskundigen; zij adviseren het bevoegd gezag over de richtlijnen voor het milieueffectrapport en over de kwaliteit van de informatie in het rapport.
Dijk
Waterkerend grondlichaam
Dwarsprofiel
Profiel van een dijklichaam, haaks op de lengterichting ervan
Erosie
Proces waarin door wind, ijs of langs- of afstromend water zand- of kleideeltjes uit de waterkerende constructie (dijken,duinen) worden meegevoerd
Gesloten seizoen
De periode van 1 oktober tot 1 april, waarin in de eerste instantie geen werkzaamheden in de kernzone van de waterkering zijn toegestaan die het waterkerend vermogen aantasten
Golfhoogte

De vertikale afstand tussen dal en top van een golf

Grafiek golfhoogte

Golfoverslag
Hoeveelheid water die door de golven per strekkende meter gemiddeld per tijdseenheid over de waterkering slaat
Inundatie
Overstromen van een gebied
Invloedstrook
Strook, direct landwaarts van de reservestrook, waar aan gebruiksfuncties beperkingen worden gesteld teneinde de waterkering in stand te houden.
Kade
Kleine dijk.
Keur
Verordening met strafbepaling van een waterschap, waarin gebods- en verbodsbepalingen zijn opgenomen
Keurgebied
Gebied waarop de keur van toepassing is
Kruin
Het hoogste punt van het dijklichaam.
Kwel
Het uittreden van grondwater onder invloed van een waterstandsverschil over een kering
Kwelkade
Een achter de bandijk gelegen ongeveer 50 centimeter hoge kade die het kwelwater opvangt.
Kwellengte
De afstand die door water ondergronds wordt afgelegd voordat het weer aan de oppervlakte komt
Legger
Document waarin is omschreven waaraan de (primaire) waterkering moet voldoen naar richting, vorm, afmeting en constructie en waarin de keurbegrenzingen worden weergegeven.
Maatgevende hoogwaterstand
De waterstand die als uitgangspunt wordt genomen voor het ontwerpen van de versterking van primaire waterkeringen. Het begrip wordt afgekort als MHW.
Macrostabiliteit
Weerstand van het dijklichaam tegen afschuiven, zowel binnenwaarts als buitenwaarts
MER
Milieueffectrapport, rapport waarin de belangrijkste milieugevolgen van mogelijke oplossingen zijn geinventariseerd
Microstabiliteit
Weerstand tegen erosie van het talud als gevolg van uittredende water
NAP
Normaal Amsterdams Peil. Hoogte ten opzichte van het `Amsterdams Peil', de gemiddelde zomervloedstand van het lJ voor Amsterdam toen dit nog in vrije verbinding stond met de Zuiderzee.
Niet waterkerend object
Obiecten op of in de dijk die geen waterkerende functie hebben, zoals leidingen, woningen, gemalen en bomen.
Onderloopsheid
Lekstroom onder een constructie door
Ontwerppeil
Extreme hoogwaterstand met een voorgeschreven overschrijdingsfrequentie. Deze frequentie varieert langs de Nederlandse kust tussen 1/2000 per jaar en 1/10.000 per jaar.
Ontwerpstormvloed
Zeer zware stormvloed waarbij een juist veilig dwarsprofiel van een duinenkust net niet doorbreekt. De toelaatbare bezwijkkans van een duinenkust met een primaire waterkeringsfunctie is gelijk aan 1/10 maal de gemiddelde jaarlijkse overschrijding
Overbelasting
Treedt op als het geldende overslagcriterium wordt overschreden
Overhoogte
Extra hoeveelheid grond die wordt aangebracht met het doel om na zetting van de ondergrond het gewenste profiel te bereiken
Overlopen
Het verschijnsel waarbij water over de kruin van de dijk het achterland in loopt omdat de waterstand in de rivier hoger is dan de kruin.
Overschrijdingsfrequentie
Gemiddeld aantal keren dat in een bepaalde tijd een verschijnsel een zekere waarde bereikt of overschrijdt
Piping
Het verschijnsel dat onder een waterkering een holle pijpvormige ruimte ontstaat doordat het erosieproces van een zandmeevoerende wel niet stopt
Planperiode
periode (voor dijken meestal 50 jaar) waarvoor de voorziene wijzigingen in omstandigheden worden meegenomen in het ontwerp van een waterkering
Primaire waterkering
Waterkering die beveiliging biedt tegen overstroming doordat deze ofwel behoort tot het stelsel dat een dijkringgebied omsluit, ofwel voor een dijkringgebied is gelegen
Profiel van vrije ruimte
Vrij te houden ruimte voor het blijvend kunnen realiseren van de waterkerende functie van een kering, ook in de toekomst
Ringdijk
Het om een dijkringgebied gelegen stelsel van waterkeringen
Ruimtebeslag
De benodigde ruimte om het ontwerp voor een periode van 50 jaar te realiseren
Schaardijk
Rivierdijk die onmiddelliik aan het zomerbed grenst.
Veiligheidsnorm
Richtlijn voor de mate van veiligheid van het land direct achter de zeewering, uitgedrukt in de gemiddelde kans op omstandigheden per jaar, waarop de waterkering moet zijn berekend. Een norm van 1:2000 betekent dat de waterkering een "super"storm die eens in de tweeduizend jaar voorkomt, nog kan keren
Veiligheidszone
Tot de waterkering behorende gronden, die daadwerkelijk bijdragen aan het waarborgen van de stabiliteit, zowel aan de binnen- als de buitenzijde van de waterkering
Waterkeringen
Dijken,kaden,duinen en stranden. Ze dienen ter voorkoming van wateroverlast, dus om ons te beschermen tegen hoog water. Voor onze veiligheid is het van groot belang dat de waterkering stabiel zijn
Zandmeevoerende wel
wel die zand meevoert uit de ondergrond en die zo onbeheersbaar kan worden dat dit leidt tot piping.
Zetting
Zakking van grond, hoofdzakelijk ten gevolge van een bovenbelasting
Zomerbed
Dwarsprofiel van de rivier waar bij normale en lagere waterstanden de rivierafvoer plaatsvindt
Zomerdijk
Begrenzing van zomer- en winterbed van de rivier

Paginafuncties

Naar boven